Doet u mij een kredietje

20-04-2010

Geld lenen voor een huis, of een auto, dat lukt de meeste mensen wel, zeker als ze een vast inkomen hebben. Maar geld voor een eigen onderneming? Daarvoor gelden andere eisen. Terwijl van meer ondernemerschap zulke nuttige maatschappelijke effecten worden verwacht.

Elwin Groenevelt (40), eerder directeur Zakelijk van Fortis Bank in Oost-Nederland, spreekt van marktfalen en zo noemen ze het ook bij de rijksoverheid. Een academicus van in de dertig met een eigen huis en zonder aantekening bij het Bureau Krediet Registratie krijgt wel ondernemerskrediet. Groenevelt: ‘Aan die beschrijving voldoen veel starters niet, terwijl het wel goede ondernemers kunnen zijn. Maar om dat vast te stellen, moet je met ze spreken. Het liefst bij de ondernemer op lokatie. Dat is te duur voor banken.’ Kleine kredieten worden, zegt Groenevelt, in toenemende mate getoetst met een scoremodel. Mensen die failliet zijn gegaan, vallen altijd af.

‘De banken zeggen: als wij het ondernemingsplan afkeuren, ís het geen ondernemer. Maar aangezien zij vrij harde criteria hanteren, is dat niet altijd juist.’ Een serieuzere beoordeling van het plan kost de bank meer geld dan het krediet ooit opbrengt. Want banken moeten aan hoge kapitaaleisen voldoen, die geld kosten.

Voor ondernemers die niet bij de bank terecht kunnen, is het microkrediet bedacht. Ze krijgen geld en begeleiding. Groenevelt is sinds de oprichting directeur van Qredits, die microkredieten tot 35.000 euro verstrekt.

Microkrediet is een idee uit ontwikkelingslanden, maar het werd omhelsd door de Nederlandse overheid die een Raad voor Microfinanciering oprichtte (een van de leden is prinses Máxima). De aandacht voor microkredit werd flink gestimuleerd door gratis geschreven adviezen van het gezaghebbende bureau McKinsey. Een paar jaar terug zetten de ministeries van Economische en Sociale Zaken een wedstrijdje op: wat is de beste manier om zulke kleine kredieten aan het bedrijfsleven te verschaffen? Gaat het beter via een gespecialiseerde club als Qredits, of beter door de banken met een zware overheidsgarantie over te halen het geld toch zelf te geven? In dat laatste geval wordt 80 procent van het risico geborgd door de staat.In de provincie Flevoland en vier stadsregio’s is microkrediet beschikbaar via deze borgstellingsregeling. In totaal werden 324 kredieten verleend tot eind november 2009. Dat is sinds in 2007 de eerste regelingen van start gingen. In 2009 zelf waren het er volgens ministerie slechts 52.

Ook Qredits leent uit: ruim 550 toegekende kredieten in 2009. In 2010 moeten er 1.000 bijkomen. Directeur Groenevelt verrast met de claim dat hij, als het kredietvolume in het huidige tempo blijft groeien, over een paar jaar met een bescheiden rendement zou kunnen draaien. Qredits is een non-profitorganisatie. Maar wel een die, hoopt de directeur, op den duur op eigen benen kan staan op basis van de 15 miljoen startvermogen die het ministerie van Economische Zaken verschafte.

Dat is een meevaller. McKinsey, hoezeer ook aanhanger van de microkrediet-gedachte, berekende in zijn eerste advies dat een organisatie als Qredits niet zonder permanente subsidie zou kunnen bestaan. Nu er ervaring is opgedaan menen de McKinsey-adviseurs in hun tweede rapport dat het wel zonder nieuw overheidsgeld zou kunnen.

Groenevelt gaat er van uit dat hij het aantal verleende kredieten kan opvoeren tot 2500 á 3000 per jaar. Dat vergt wel extra geld. Kapitaalverstrekkers moeten bereid zijn Qredits te financieren met leningen tegen 3 á 3,5 procent rente. Groenevelt loopt tegen zijn financieringsgrenzen aan. Hij onderhandelt met de grote banken en met de Bank Nederlandse Gemeenten en het Europese Investeringsfonds EIF over 35 miljoen euro. Ook denkt hij aan een beleggingsfonds. McKinsey voorziet dat bij 5.000 kredieten per jaar, jaarlijks 100 miljoen euro aan microkredieten valt weg te zetten. De gemiddelde looptijd is nu 4,5 jaar. Qredits laat ondernemingsplannen gedetailleerd bekijken door eigen bedrijfsadviseurs. Veel valt dan af, 26 procent van de aanvragen wordt toegekend. Bij de meeste toegekende kredieten wordt vervolgens geëist dat de ondernemer zich laat coachen. Ook wordt de betaling van de maandelijkse termijnen strak gevolgd. Van de verleende kredieten zijn er na ruim een jaar nog maar vijf problematisch.

Eind dit jaar loopt de proefperiode af. Qredits gaat ervan uit dat het bedrijf doorgaat. Over de toekomst van de borgstellingregelingen laat het ministerie van Sociale Zaken weten dat nu vooral naar de verleende kredieten wordt gekeken: kunnen de ondernemers terugbetalen?

Al deze activiteit om meestal heel kleine ondernemingen verder te helpen krijgt ook kritiek. Mirjam van Praag, hoogleraar ondernemerschap en organisatie aan de Universiteit van Amsterdam, stelde onlangs dat het verwachte effect op het sociale klimaat van meer ondernemerschap moeilijk meetbaar is,‘en daardoor niet goed te bewijzen’. Maar in overheidskringen leeft de overtuiging dat alle beetjes helpen. Dus ook microkrediet.

Doet u mij een kredietje